Oktober 1985. Door: Jan Portengen
Mr. R.J.J.A.A. van den Clooster Baron Sloet tot Everlo
Toen ik buiten kwam, overviel me de stilte van de nacht. Het rossige licht van de lantaarns bescheen het dampende asfalt van de weg. Niemand liet zich horen, geen mens was te zien. Ik kreeg het gevoel dat mijn hoofd op een ander niveau dreef dan dat waarop mijn benen bewogen. Er tussenin iets meer bier dan ik gewend ben. Ik verlangde naar mijn kooi aan boord. Plotseling verscheen een schimmige gestalte in het licht van een opengaande poort en een bekende stem verbrak het zwijgen: “Ik zie niet graag